Ziekte en gezondheid

 

Zieke mensen horen we vaak zeggen: ‘Ik voel me eigenlijk niet echt lekker, maar ik weet niet waar dat vandaan komt; het is er gewoon!’ Gezonde en zieke mensen kunnen besef hebben van hun realiteit zoals dieren, planten en mineralen dat ook hebben. Elk hebben ze hun bewustzijnsgraad. Een bekende manier om zieke mensen te helpen kan bijvoorbeeld door middel van kruiden. Planten staan in verbinding met zonnestelsels (zon, maan en sterren). In de reguliere geneeskunde geldt het kruid als een allopathisch medicijn dat in sommige gevallen nodig is. Het wezen van een medicijn, het Zijn ervan, dat is moeilijk te doorgronden. Het ‘zijn’ is er namelijk altijd en het bevat alles, wat de mens zich daarvan kan voorstellen.

 

De plantenwereld kent de eenheid. Daaruit kunnen ‘geneesmiddelen’ ontstaan, die genezing, heling voortbrengen. De plantenwereld kent de eenheid, want daar is geen links of rechts apart. Beiden kanten horen in de plant bij elkaar en ze zijn nooit van elkaar te scheiden, de mannelijke en de vrouwelijke plant. Kruidengewassen komen naar hun aard in een veelheid aan diversiteit dat grote vreugde brengt. De geestgesteldheid van planten is een komen en gaan, net als bij de jaargetijden. Een bekende kleur van het kruidengewas is groen, zoals tezamen de kleur goudgeel en blauw. De kleur groen is van het oosten, blauw van het westen. Het zijn kleuren van de breedtepolen en samen vormen ze een eenheid zoals verleden en toekomst.

 

Klik op dit item de kunst om niet ziek te worden [Duitstalig maar verhelderend!] – klik op: openen, dan klikken op: diavoorstelling, vervolgens klikken op: vanaf begin [dan hoort en ziet u het filmpje!]

 

Planten vergaan, maar bomen kunnen nog lang blijven staan. De jaren herhalen zich en de jaarringen in de bomen worden zichtbaar. Het Hebreeuwse woord voor ‘jaar’ is Shenach en dit houdt verband met ‘herhalen’. Planten en kruiden hebben iets verrassends. Ze geven de mens iets wat eigenlijk niet wordt verwacht. Iedere plant heeft een dimensionale keerkracht. De kleur groen betekent ‘vreugde’. De eerste plant is tarwe (Hebr. Chittah) waaruit het brood komt. Bethlehem betekent ‘huis van broden’ (lechem= brood en beth=huis).

 

Tarwe hoort bij de rechterkant, het mannelijke en bij de linkerkant gerst (Hebr. ‘seorah’). Op de derde scheppingsdag komen de planten en de kruiden en het eindigt met de boom. De verborgen kant in de mens is mannelijk, waar ook de groep tarwe staat, de kant van het brood. Gerst staat aan de linkerkant en men kan er gerstebrood van maken. Het Geschrift kent twee soorten broden: de gezuurde en de ongezuurde. De gezuurde zwelt, doet uitzetten en het ‘hebben’ wordt er sterk mee benadrukt. Bij het ongezuurde brood is het ‘hebben’ er niet zo.

 

In welk opzicht staan planten in de menselijke gesteldheid en aan welke kant staan zij in de mens? Hoe leeft tarwe of gerst in de mens? Zou dit te maken hebben met de ‘toonbroden’ (Hebr. Lehem penim), dat gezicht, aankijken, innerlijk of aangezicht betekent? De toonbroden tonen de broden van het innerlijk in de mens. Deze komen en gaan zoals planten. Tarwe is de plantenkant dat zich aan de lichaamskant, de zijde van de materie bevindt. Het brood in de plant is de groeiwijze van de eerste dag, de zondag of de ‘vaderdag’. Gerst is de plant van de maandag of de ‘moederdag’. De plant hysop (in het Hebreeuws ezob) heeft met Azab te maken dat een soort verlaten is. Het verlangt ernaar om naar binnen te mogen, in het licht. In homeopathische verdunning kan men het geven bij verlatenheid of bij verlangen naar licht. Kruiden komen op een bepaalde manier op je pad als ze nodig zijn en je je in een bepaalde situatie verlaten voelt. In oude boeken zei men het al ‘Breng een zieke toch in aanraking met planten en kruiden!’ Met de wereld van het groen kan de zieke hoop gegeven worden. De zieke verlangt naar beterschap en waardeert het leven dan des te meer.

 

Planten of kruiden zijn verbonden met de rechterkant van het leven. Het zijn de ‘levensbroden’ van ons innerlijk gestel. De zieke mag nooit naar de ‘linker kant’ gebracht worden, dan brengt men hem onbewust een ziekte. Links betekent in het Hebreeuws ‘smol’ en met dezelfde letters wordt het geschreven als ´samael´, de doodsengel. De voorschrijver is trots op zijn voorgeschreven medicijn, dat feitelijk gif is. Hij zegt tegen de zieke: ‘ik ben een groot arts, ik zal je wel helpen! Ik ben wetenschappelijk onderlegd en ik heb veel gestudeerd!’ Hij loopt met gewichtige stappen. Maar op deze wijze brengt hij de zieke ‘samael’, datgene wat vergiftigt. In oude boeken worden planten beschreven als behorend tot de rechter- of linkerkant van een systematiek. In de homeopathie kennen we eveneens een links en een rechts middel. De voorschrijver kan niet zomaar een kruidgewas geven, anders komt deze van de linkerkant, de kant van de materie of het Westen.

 

In het Hebreeuws betekent geur ‘reach’’ en dat is bijna identiek aan het Hebreeuwse woord voor geest, dat ‘ruach’ betekent. De geur is iets van de geest en brengt een soort bericht of communicatie. Als een bepaalde bloem of plant iets vertelt met haar geur, dan voelt iemand zich daar misschien speciaal toe aangetrokken. In elke plant woont een nut. Het is de ‘geestelijke staat’ van de plant, die de zieke heling kan brengen. Wie is nog een gezond mens? Is dat niet de hele of gehele mens? Daarom kan men spreken van ‘helen’ als iemand ziek is en hem helpen compleet te maken. De zieke mist immers iets, het ontbreekt hem aan het een en ander. Een gezond lichaam is niet volkomen gelijk aan gezond mens. De meeste mensen maken zich meestal druk over hun lichamelijk welzijn, maar in geringe mate over hun zielstoestand.

 

Het Hebreeuwse woord voor ziek zijn is ‘chole’ en dit heeft dezelfde wortel als het Nederlandse woord voor ‘gewoon’. Is ziek-zijn gewoon of een gewoonte? De stam van ‘chole’ is ‘chol’ en betekent ‘zand’ of het ‘gewone’. Het begrip zand herbergt een onbegrijpelijke kwantiteit, het is niet te meten in de zin van een totaliteit. Daarom hangt ziekte als het ware als ´los zand aan elkaar´, het schijnt geen zinvolle eenheid te kunnen vormen. Men kan ziek-zijn als ‘gewoon’ beschouwen en ‘gezond zijn’ als ‘heel zijn’. Het ligt eraan waarin mijn zijn ‘heil’ zoekt. Het Hebreeuwse woord voor heilig is ‘kadosh’’ en dat is tegengesteld aan ‘chole’ van ‘gewoon’ zijn. Heilig betekent ‘apart zijn’. Het gewone is dan niet meetbaar want het zand kan immers nooit geteld worden.

 

Ziekte is ook een bepaalde vorm van isolatie, een soort engte en een zekere vorm zelfs van angst. Gezond zijn betekent activiteit. De zieke mens heeft altijd de genezing in zich. Hij kent het ene, maar niet het andere, dat samen de eenheid vormt. Scherven brengen toch geluk. Dergelijke spreekwoorden bevatten diepe wijsheden. Met scherven begint men zijn levensweg. Het is steeds de weg naar de eenwording, als men die tenminste nastreeft. Aan het eind kan men de weg naar het ‘licht’ uiteindelijk bereiken. Bij het begin van een joods huwelijk tijdens een huwelijksplechtigheid, wordt er een heel glas of kopje stukgetrapt en men wenst het huwelijkspaar dan een goede tijd. Al bij de geboorte is het vorige levensbestaan weg en staat men aan het begin van de scherven. De weg van het leven is een samenvoegen van de talloze scherven tot de oorspronkelijke eenheid. Het begin en het einde vormen samen een eenheid. Op het levenspad voelt men het ‘gescheiden’ zijn. Ziekte is een correctie van het leven.

 

Als men gezond wil worden dan moet men er wat voor doen. Geheeld willen worden is de weg naar de heling, een proces dat het licht in de schaduwkanten van het leven wil belichten. Aan herstel moet ziek-zijn vooraf gegaan zijn. Uit de crisis kan licht voortkomen. Een oud Chinees spreekwoord zegt: ‘vraag niet naar de zin van je leven, maar zie toe, dat je bestaan zin verkrijgt door jezelf!’ De zieke is feitelijk een ‘uitverkorene’, want hij geniet een beleving van het ‘heel zijn’ en bij hem is de kracht tot genezing aanwezig. (bron: deelname van seminars bij prof. F. Weinreb) - (met verwijzing naar het boekje ´over schepping van dieren en planten´, Emanuel Swedenborg) ©

 

Ziekten

 

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]:  

 

Zo zijn de meeste ziekten, die de mensen moeten door­staan, niets dan hinderpalen om te voorkomen dat de ziel één zou worden met het lichaam, dat, zelfs bij de kinderen van het licht, afkomstig is uit de verbannen satan. Het enige verschil voor de kinderen van het licht is, dat, als hun ziel aan het lichamelijke wil gaan hangen, hun lijden door de hemel veroorzaakt wordt. Ook het lijden van de kinderen van de wereld wordt voor dit doel door de hemelen bevolen en toegelaten, maar van oorsprong zijn het hellepijnen. Het lichaam van het wereldkind moet die als een volledig deel van de hel mee lijden, als de hel een stekende pijn voelt wanneer de geweldi­ge invloed van de hemel een deel van haar leven grondig weg­rukt! De lucht en het water was vroeger in Genezareth voor vreemdelingen schadelijk.

 

Vaak wordt iemand daar na een paar dagen al zo erg ziek, dat hij soms een heel jaar niet van het ziekbed af kon komen. Als hij de ziekte eenmaal doorstaan heeft, dan blijft hij gezond aldaar. De Bijbel is erop gericht dat men zich kan oefenen in de omgang met de Heer. Mozes trof destijds zeer strenge hygiënische maatregelen om de mensen van toen te beschermen tegen weerzinwekkende ziektes, vooral voor het uitbreiden van melaatsheid. Leviticus, 13 en 14 vormen het basismodel voor de wetgeving wegens de volksgezondheid. Alle leprapatiënten werden vroeger gedwongen hun woonplek te verlaten. Zolang zij melaats waren moesten ze afgescheiden eenzaam wonen. Bovendien moest de melaatse zijn bovenlip bedekken en roepen, dat hij onrein is.

 

Destijds werden adequate maatregelen genomen, zover dit ook bekend was in de chirurgie. De chirurgen bedekten profylactisch hun neus en snor tegen besmettingsgevaar. Misschien stamt daarvandaan de medische term quarantaine. Zo zijn de meeste ziekten, die de mensen moeten doorstaan, niets dan hinderpalen om te voorkomen dat de ziel één zou worden met het lichaam, dat, zelfs bij de kinderen van het licht, afkomstig is uit de verbannen satan. Het enige verschil voor de kinderen van het licht is, dat, als hun ziel aan het lichamelijke wil gaan hangen, hun lijden door de hemel veroorzaakt wordt. Ook het lijden van de kinderen van de wereld wordt voor dit doel door de hemelen bevolen en toegelaten, maar van oorsprong zijn het hellepijnen.

 

Het lichaam van het wereldkind moet die als een volledig deel van de hel mee lijden, als de hel een stekende pijn voelt wanneer de geweldige invloed van de hemel een deel van haar leven grondig wegrukt! Maar niemand denkt eraan dat al het lijden, alle ziekten, alle oorlogen, alle dure tijden, honger en pest alleen maar ontstaan omdat de mensen in plaats van alles naar Gods orde voor hun ziel en hun geest te doen, slechts alles voor hun lichaam doen! Men predikt wel voor dode zielen over de vrees voor God, maar door zijn eigen dode ziel gelooft de prediker dat zelf allang niet meer  Hij gelooft alleen maar aan dat wat hij voor het preken krijgt en hoeveel eer en aanzien een door studie goed ontwikkeld prediktalent hem kan opleveren. En zo leidt de ene blinde de andere en zo wil de ene dode de andere dode levend maken. De eerste preekt voor zijn lichaam en de ander luistert naar de prediking vanwege zijn lichaam.

 

Maar wat heeft een doodzieke ziel daaraan? Ik ben een genezer. Hoe kan Ik dat, vragen de dode en daarom geheel blinde mensen zich af. En Ik zeg jullie dat ik van geen mens het lichaam genees, maar als een ziel nog niet te sterk met haar lichaam is vermengd, maak Ik slechts de ziel vrij en Ik wek, voor zover mogelijk, de in de ziel begraven geest. Deze versterkt meteen de vrij geworden ziel en die kan dan gemakkelijk alle gebreken van het lichaam in een oogwenk weer in de normale orde terugbrengen. Dat noemt men dan een wonderbaarlijke genezing, terwijl het toch de gewoonste en natuurlijkste, lichamelijke genezing ter wereld is! Wat iemand heeft, kan hij ook geven; wat hij echter niet heeft, kan hij ook niet geven! Wie een levende ziel heeft overeenkomstig Gods orde, met daarin een vrije geest, kan ook de ziel van zijn broeder vrij maken als deze nog niet te veel met het vlees is vergroeid en die helpt dan heel gemakkelijk haar zieke lichaam. Als de zielendokter echter zelf een erg zieke ziel heeft, die meer dood dan levend is, hoe zou hij dan dat wat hemzelf ontbreekt aan een andere ziel kunnen geven. bron: GJE2-104, 169 [12] en 3-12 [6-10] en Lev. 13-14.

 

UpToDate 2024-2025