Ismaël en Izaak

 

Hoe zit dat nu met de twee halfbroers Ismaël en Izaak? Ze zijn beiden zonen van Abraham, de eerste uit de Egyptische Hagar, de bijvrouw van Abraham, de tweede uit Sara, de vrouw van Abraham. Is de nakomelingschap van Ismaël het volk uit het ‘avondland’, dat Arabië? De stam van het woord ‘ARABIER’ is ‘ARAB’ dat avond of schemerland betekent.

 

We grijpen weer terug naar het verhaal van Abraham en Sarah. Zij waren al op leeftijd en Sarah kon niet zwanger worden en zij hadden de hoop al opgegeven. Sara beviel haar man Hagar aan, om toch nog een nageslacht te krijgen. [Hagar was een Egyptische ‘dienstmaagd’ van Sarah, vandaar dat Sarah op dat idee kwam!]

 

Wie het verhaal van Abraham uit het land der Chaldeeën kent, weet ook, dat deze uit de plaats UR [licht] kwam. Een ander detail in dit verhaal is het feit, dat Abram eerst later er een letter bij kreeg in zijn naam: AbraHam. Maar Saraï verloor een letter [de JoD] maar kreeg daarvoor in de plaats eveneens de letter H.

 

Abraham was 75 jaar toen hij geroepen werd uit zijn land en zijn neef Lot ging mee en zij kwamen aan in Sichem. Hij verbleef daar korte tijd, en reisde verder naar Beth-el, maar omdat er een hongersnood was, besloot hij tijdelijk in Egypte te wonen.

 

Het verhaal doet zich voor dat Sara en Abraham aan het hof van Farao zich voordeden als broer en zus, dat calamiteiten veroorzaakte. [Gen12:12-20] Toen ze weer teruggingen [na 10 jaar] kregen ze de mooi uitziende dochter Hagar van Farao mee, evenals zijn zoon Eliëzer, die later voor Izaak een passende vrouw zocht, dat Rebecca werd, die Ezau en Jakob baarde. Hagar moest haar koninklijke waardigheid inleveren door als ‘dienstmaagd’ bij Abraham en Sara te dienen. 

 

Abraham was intussen 86 jaar. Want toen er geen honger meer was in Kanaan gingen zij terug en in de buurt van Hebron wonen.

 

In ABRAham herkennen we ARAB van Arabië [Ereb = avond] en Ur was de stad van het licht. Op zichzelf is dat al een merkwaardig gegeven. Doordat niet SaraH, maar Hagar Ismaël baarde, ontstond na enige tijd een wrijving tussen beiden. Zoals al eerder beschreven betekent HA-Gar letterlijk: ‘de vreemdeling’.

 

Uit de latere twee volkeren van Abraham, zien we twee gelijknamigen: Ismaël en Israël; beiden hebben ze één letter verschil. Aan elkaar gelinkt zien we een verborgen samenhang voor alle toekomstige tijden, MaRa: wrangheid, bitterheid, want dat is de Hebreeuwse naam voor ‘Mara’. Het heeft nooit ‘geboterd’ tussen deze twee volken.

 

Later zien we een identiek verhaal over Ezau [de eerstgeborene] en Jakob [de tweede geborene] hun onderlinge strijd over geboorterechten. Eerst in latere tijden zou dat consequenties hebben tussen de Israëliërs [Jakobs afstammelingen] en de Edomieten [Ezaus afstammelingen]. Ten tijde van Jezus kregen we nog te maken met een afstammeling van Ezau: Herodes.

 

Sarah, de vrouw van Abraham kreeg uiteindelijk een kind, want een engel des Heren had haar dit voorzegd, maar zij kon dat niet geloven en moest hierom in zichzelf lachen, daarom werd haar ook zijn geboortenaam bekendgemaakt, wellicht aangepast aan het geloofgedrag van Sara, zodat hij heten moest:  ‘Jitzaak’ in onze taal is dat ‘Izaak’ dat ‘lachen’ betekent.

 

Ismaël werd als tiener jaloers op zijn stiefbroer en Hagar, de dienstmaagd bespotte haar meesteres op een dusdanige wijze dat zij zich bij haar man beklaagde en verzocht hen weg te sturen. Er was immers al een kloof ontstaan, zoals ook later blijkt tussen deze twee volken.

 

Izaak, was voor Abraham een verrassing. Izaak verwekte Ezau vóór Jakob, de laatste was dus de tweede. Jakob kreeg op de een of andere wijze het eerstgeboorterecht van zijn oudere broer Ezau in het vizier, want Jakob ruilde een bord heerlijke warme rode linzensoep in voor het eerstgeboorterecht van Ezau.

 

Bij het sterven van hun vader Izaak werd de zegen uitgesproken. Rebecca, moeder van beide zoons, hielp Jakob zo te kleden, als was het Ezau zelf. De stervende en BLINDE Izaak vroeg eerst de eerstgeborene te zegenen.

 

                                 https://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/8/8c/Lama_debating.jpg/800px-Lama_debating.jpg

 

In Ishmaël ligt dus verborgen ISHLAM, ‘Ish’ = mens, man  en ‘Lama’ betekent leraar. Beide volken,zijn nauw met elkaar verwant, elk heeft een andere weg en cultuur ingeslagen. In de Bijbel lezen we, dat de afstammelingen van Jismaël, tot Jezus komst op aarde [2.000 jaar geleden] onder leiding staat van de geestelijke wereld. 

 

Over het ‘militairisme’ schrijft de evangelist Lucas: [Krijgslieden vroegen Johannes de Doper hoe zij zich verder in hun krijgsdienst te gedragen hebben:]  Dan zegt Johannes: ‘Doe niemand overlast aan, maak je niet schuldig aan afpersing en wees tevreden met je soldij’ [salaris]. Johannes zei niet, dat ze uit de militaire dienst moesten gaan. [Lukas 3:14]

 

‘Als we de andere willen of moeten straffen, dienen we zachtmoedig te zijn’. In de ‘Jeugd van Jezus’ lezen we hoe Cyrenius op de juiste wijze is omgegaan met ‘criminelen’, weliswaar op aanwijzing van het Kindje Jezus. Het slechte is niet het militaire leven zelf, maar het misbruik ervan, en dat is verboden. De kerk verbiedt niet het leger, alleen de uitvoerende kwaadaardigheden.

Helaas concentreert de Islam zijn religie met geweld en wapens. [Let op, er zijn ook heel veel goede Islamorganisaties!] En leren  de zelfmoordcommando’s dat zij in het paradijs komen.

 

Jezus beval ons zelfverloochening aan. In de Islam is geen enkele profetie in vervulling gegaan. Jezus heeft de mensheid nooit een andere weg aangegeven, dan die van het kruis. De verkondiging van de waarheid brengt redding en vrijheid met zich mee. We dienen steeds te getuigen van de waarheid, zoals Paulus dat aangeeft in Kor.2:2, om het voorbeeld van Jezus’ kruis op te nemen. [2 Tim.4:2]

 

Jakob Lorber zegt, dat de profeet Jesaja ons een beeld verschaft over de toekomstige tijden. In ‘de laatste dagen’ zal er een Rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isaï. [de vader van David – Jes.11:1-5]

 

Ismaël sterft met 137 jaar en zijn nakomelingen vestigen zich tussen al hun verwanten ten Oosten van Egypte richting Assur, Irak en Iran. [Gen.25:18]

Richteren 7:12 verwijst naar de mensen van het Oosten. MIDIAN en Amelek waren in het dal van het Oosten zo talrijk als sprinkhanen, evenals hun ontelbare kamelen, gelijk de zandkorrels aan de oever van de zee. [Ezech.25:4]

 

De nakomelingen van Ismaël zullen de steden van van hun vijanden in bezit krijgen [Gen.22:17]. De relatie tussen de Arabische stammen en de huidige joden is meestal niet ontspannen. [Richt.8:24, Psalm 83:6,7].

 

De wijzen uit het Oosten waren afstammelingen van de Arabieren. Het betreft de voorzegde ster van Bethlehem. [Num.24:17] Abraham was een bijzondere man en in Jak.2:23 wordt hij zelfs ‘de vriend van God’ genoemd.

 

De twaalf vorsten van Ismaël zijn de twaalf zonen van Ishmaël. [Gen.25:13-18, Jes.60:7, Hoogl.1:5, Jes.1:11,16, Jes.42:11] Abraham gaf de geest! Ismaël en Izaäk begroeven samen hun vader. [Gen.25:17]

 

De latere nakomelingen van Jakob [=Israël], de zoon van Izaäk denken steeds alle rechten te hebben op hun landen. Maar voor de goede orde zegt de Heer, dat het Hem allemaal toebehoort. [Lev.25:23, Ezech.47:21-23] De Bijbel zegt dat de weg der Ismaëlieten gebaand is van Egypte naar Assur = Assyrië. [Jes.19:23]

 

Toen Ishmaël 10 jaar was, kreeg ABRAM er een letter bij, een nieuwe naam: AbraHam.  Een naamsverandering geeft een persoonsverandering.

 

Als Abraham 100 jaar en Sarah 90 jaar is [Gen.17:17,18] konden zij niet meer geloven in een nageslacht. Ismaël zou wonen voor het aangezicht van al zijn broeders. [Gen.16:10-12, 17:17,18] Maar hij zou niet deelnemen in het verbond met Izaäk.

 

Een jaar na de verwoesting van Sodom en Gomorra wordt Izaak toch nog geboren. Toen Ismaël 17 jaar was zei Sarah tegen haar man, dat de zoon van haar dienstmaagd  de erfenis niet mag delen met haar zoon Izaäk. In Spreuken 30:21 staat ‘dat een diensmaagd haar meesteres verdringt.’

Ismaël is ‘uit het vlees’ [menselijke conceptie] geboren, maar Izaäk uit de Geest. [Gal.4:23]

 

Ezau ruilde zijn eerstgeboorterecht in voor een bord rode linzensoep, toen hij vermoeid terugkwam van een jacht.  Het nageslacht van hem vecht nog steeds voor het eerstgeboorterecht. De Bijbel noemt Izaäk de enige geboren zoon van Abraham. [Hebr.11:17]

 

Het offer dat Abraham aan de Heer moest geven was juist op de berg MORIA, de berg der verbittering? Heeft dat ook te maken met het jaarlijkse offerfeest, wat tegenwoordig bij de Islam ‘RAMA-DAM heet, om hun bloed en ziel gedurende een aantal weken te reinigen?

 

Op 13e jarige leeftijd werd Ismaël besneden. Vanaf dan wordt hij in het verbond opgenomen. [Hebr. ECHoD = 1-8-4 =13, één; 13.00 uur is toch ook één uur!]. Hij wordt met de eenheid verbonden: de besnijdenis. Abraham wordt dan ook besneden en is 99 jaar. Hij was 86 toen zijn eerste zoon werd geboren. Een jaar later werd zijn halfbroer Izaäk geboren en was hij toen 100 jaar. Sara was dan tien jaar jonger. [Gen.21:5]

 

 

UpToDate 2024-2025