Hoofdstuk 75

Henoch zei hier het volgende: ‘dat het al een klein, bijna uitzonderlijk wonder is, dat de tijger kon spreken!’

‘Waarlijk, als de levende beeft voor de dood, draagt hij nog geweldig veel sporen van de dood in zich!’ [9] ‘Wordt de mens dan niet in de grote wereldruimten gezet als heer over alle schepselen?!’ Wat is er van hem geworden, dat hij voor het gezoem van een stekelige vlieg terugschrikt…’[10]

‘Een weerspannig kind dat zijn ogen heeft geopend, dan zal de bezorgde vader hem toelaten en zich verheugen…’ [13-14] >volledige tekst>

Hoofdstuk 76

De vreugde van de stamvaderen over de Heer

Henoch dankt de Heer in stilte en greep de vaderen onder de amen. [Opmerking: het is me hier opgevallen dat ook in de ordestructuur van het volk de indeling bij verzamelingen geschied op leeftijdsklasse – zelfs in bepaalde kerken werd in de 50-60e jaren ook de familiezitplaatsen gehandhaafd en gerangschikt naar de leeftijd]

Doordat Henoch hen bij de amen nam, ontvingen de vaderen enorm veel energie en huppelden als jonge mannen,

Seth was ermee overmatig en bezeerde zich en bad de Heer om de pijn weg te nemen. En toen vernam hij de stem van de heilige Vader in zich die met hem sprak, dat hij van vreugde begon te huilen. Alle overigen merkten dit…. >volledige tekst>

Hoofdstuk 77

Het vertrek van de patriarchen naar de kinderen van de avond 

De weg van de middag tot aan de avond was een zeer indrukwekkende en ‘romantische’ route.  Ze liepen langs zeven hoge kleurende kegels waaruit zuiver water stroomde als een fontein. Elke kegel was wel 7000 voet hoog. Onbeschrijflijk mooi. Deze weg was de lievelingsweg van Ada,. Vaak sprak hij daarover met zijn kinderen. Hij laat Asmahaël praten hoe hij dit schouwspel vindt.

Toen Adam dergelijke deemoedige bescheidenheid had vernomen, verheugde hij zich hierover en sprak, zich tot de overigen wenden: ‘o lieve kinderen, luister! Asmahaël komt mij voor als een sinds lange tijd braakliggend veld.

Luister, lieve kinderen! Indien de armen uit de diepte samen ook maar enigszins de vruchtbaarheid van Asmahaël benaderen, waarlijk, dan zou het eeuwig zonde en jammer zijn, dat wij hen niet te hulp zouden komen! >volledige tekst>

Hoofdstuk 78

Asmahaëls woorden van dank 

Als het aan Asmahaël gelegen was, dan zou hij alle broeders en zusters in het lage land onder de berg, die verstoken zijn van licht en leven, snel op te nemen, nog sneller dan een gedachte, hierheen te dragen. Zij zullen zich hoogst verbazen als ze zien hoe direct en verheven op de heilige bergen de machtige kinderen van de Heer al die wonderbaarlijke dingen onthullen…

Adam was zeer verheugd om Asmahaëls mooie woorden. Seth vraagt Adam, of Henoch nog een korte uitleg mag geven over die prachtige omgeving. Henoch spreekt dan gedenkwaardige woorden. Er zullen nog grotere en wonderlijke natuurtaferelen te vinden zijn, dan deze zevenmaal tien watersproeiende stenen, die amper enige duizenden manslengten boven de grond uitsteken. Het verhevene schuilt niet in de mond, maar in het woord.

De zeven zuilen staan symbool voor de 7 machten van God en ieder gevuld met het levende water van genade. De 10 kegels die daarachter staan symboliseren de heilige plichten van de liefde. De 7 geesten zijn eigenlijk één geest! Want ze hebben allemaal dezelfde hoogte, vorm, massa, richting, hetzelfde water, en kleur en ruisen. >volledige tekst>

Hoofdstuk 79

Adams zwakheid

Adam zegt tegen Henoch: ‘één dag staat mij nog niet onmiskenbaar en duidelijk voor ogen en dat ene is: dat ik me nog steeds niet goed kan voorstellen op welke wijze jij het heilige woord, dat je daar spreekt, in je ontvangt en het hoort en het dan meteen uitspreekt, zodat het klinkt als was het van jou…’ [Opmerking: zoals Jakob Lorber de stem van de Heer in zijn hart hoorde en daarom 25.000 bladzijden kon schrijven, want hij gehoorzaamde deze stem – zo ook de opperbevelhebber van Syrië: CYRENIUS, die eveneens de stem van het Kindje Jezus op honderden meters afstand in zijn hart hoorde spreken…]

Hij, Adam klaagt ineens over vermoeidheid – hij heeft zin in een maaltijd, maar hij de Heer immers beloofd deze dag niets meer te eten. Seth overlegd met Henoch en deze geeft Adam het advies zich aan zijn afspraak met de Heer te houden. ‘O vader Adam, laat je niet door de verzoeking overmannen! Het is de Heer Zelf die dit op je laat afkomen om de innerlijke sterke van je verbond te beproeven.

O lieve Adam, er zal geen uur voorbij zijn en je ledematen zullen krachtiger worden dan die van de sterkste tijger, maar je moet je vasthouden aan je belofte. Want de Heer veracht altijd de trouweloze wankelmoedigheid van het hart. >volledige tekst>