Wetenschap & Maan

 

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]:  De stoffelijke Maan draait als satelliet om de Aarde. De betekenis van de Maan en haar invloed op de Aarde werden al in de oude religie erkend, vooral in de joodse. De Maan is gedoemd om zeer lange tijdperken de Aarde te blijven volgen. De Maan kun je vergelijken met een vampier, want zij wreekt zich door haar geheel te doordrenken met de verderfelijke, onzichtbare en giftige invloed die ze feitelijk uitstraalt. Want zij is weliswaar dood, maar toch een levend lichaam. De deeltjes van haar ontbindende lijk zijn nog volledig werkzaam, maar toch in zekere zin destructief. Haar uitstralingen zijn tegelijk weldadig en schadelijk. Op Aarde zijn het gras en de planten nergens sappiger en weliger dan op de graven, terwijl tegelijkertijd de uitwasemingen van het kerkhof en van lijken dodelijk zijn´. De Maan zou bijna zesmaal zo snel afgekoeld zijn als de Aarde. De Aarde zou zo´n vier of vijf miljard jaar geleden nog een vloeibare massa zijn geweest. In die tijd draaide de Aarde sneller om haar eigen as. De Aarde zou ook een uitstulping gekregen hebben, dat zich later in tweeën splitste, waarvan het kleinste deel later onze Maan werd. De Maan is een volledig van de Aarde onafhankelijk hemellichaam, dat net als de Aarde ronddraait in het bereik van de Zon en van deze aanhoudend licht ontvangt.

 

De wetenschap heeft met de Galileo-observatie ontdekt, dat de Maan geweldige bergen heeft met spelonken en grotten. Bijna de hele Maan bestaat uit kraters en deze liggen op diverse hoogtes en laagtes. De korst van de Maan wordt geschat op achtenzestig kilometer dikte. Op de Maan zijn verschillende oppervlakten te vinden zoals de Hooglanden, die bijna helemaal bedekt zijn met inslagkraters, wellicht veroorzaakt door meteorietinslag. De Maanoppervlakte bestaat voor een groot deel uit regoliet, een mengsel van fijne stof en steenachtig puin. Dit is vooral te vinden aan de voorzijde van de Maan, de kant die wij vanaf de Aarde kunnen zien. Aan de achterzijde van de Maan is de grootste inslagbek van ons zonnestelsel te vinden. Dat is de Zuidpool, die een diameter heeft van 2250 km en een diepte van twaalf kilometer. Aan de westelijke kant van de Maan is een krater met meer ringen. Neil Armstrong was de eerste wereldmens, die een voet op de Maan zette. Zijn eerste woorden waren: ´Ik raak de Maanbodem met de punt van mijn voet op de zwarte bodem, ik kan mij moeiteloos bewegen en wij bevinden ons hier op een vlak gedeelte!´ Op de Maan is er minder zwaartekracht dan op de Aarde. Deze is maar 1/6 van de aardse zwaartekracht. De astronauten wogen op de Maan toen zes keer minder dan op de Aarde, maar hun energiebalans bleef gelijk.

 

De wetenschap zegt dat de Maan elk jaar zich met 3,8 centimeter van de Aarde verwijderd. De diameter van de Maan is 3476 kilometer. De Maan keert de Aarde steeds dezelfde zijde toe, omdat de draaitijd en omlooptijd dezelfde zijn. Door haar schommelingen zijn schuine blikken mogelijk, zodat we ongeveer 4/7 van het totale Maanoppervlakte kunnen zien. De gemiddelde snelheid van de Maan is 1 km. per seconde. Doordat de Maan een donkere oppervlakte heeft, wordt maar een klein deel van het zonlicht, dat op de Maan valt, teruggekaatst. De Aarde draait echter veel sneller om haar as dan de Maan. De aantrekkingskracht van de Maan is groter aan de voorzijde, dat is de kant die wij vanaf de Aarde kunnen zien. De Maan schommelt een beetje omdat zij niet helemaal cirkelvormig is. De temperatuur van de Maan kan flink oplopen tot meer dan boven het kookpunt en dus boven de 100 graden Celsius. (opm.: zeer waarschijnlijk aan de voorzijde!!!) ´s Nachts kan het wel zo´n 125 graden Celsius vriezen. De donkere vlekken op de Maan, die men vanaf de Aarde met het blote oog ziet, zijn overblijfselen van uitgedoofde vulkanen. Onder de Maankorst komen Maanbevingen voor. De wetenschap zegt, dat de Maan bijna net zo oud is als de Aarde, namelijk circa vijf miljard jaar. (Opmerking: dit komt overeen met citaten uit de Lorberwerken!)

 

In het deel ‘Aarde en Maan’ van Jakob Lorber wordt het volgende over de Maan vermeld: ´Het belangrijkste kind dat op deze wijze is voortgebracht is de Maan, die het oudste kind is van deze tellurische (aardse) vrouw. (Opmerking: dat is de Aarde) Heeft ze nog meer van dergelijke kinderen? - O ja, een grote hoeveelheid kometen, die door hun geboorte deels in de etherruimte kwamen en daar (nog) rondcirkelen. Voor een ander deel echter zijn zulke kinderen, die bijna dagelijks uit de verwekking worden geboren,– en meestal in de tijd, dat dag en nacht even lang zijn – de haast talloos te voorschijn komende zogenaamde vallende sterren. Dat ze niets anders zijn dan uit de Aarde nieuw geboren kleine, komeetachtige planeetjes, bewijst hun ellipsvormige baan en hun ronde vorm, waarvan het menselijke oog de grootte kan waarnemen als ze in de nabijheid van de Aarde komen. Deze planeetjes worden echter door de Aarde, evenals al haar andere nakomelingen, weer ‘opgegeten’, zoals beschreven wordt in de fabel van Saturnus, die al zijn kinderen verslond´. (Aarde-en Maan hfdst.12)

www.zelfbeschouwing.info