ReÔncarnatie van Philopold

 

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]: Jezus tegen Philopold: 'Denk je nu echt dat je vooraf met God, je schepper, geen contract afgesloten hebt en niets afweet van alle voorwaarden die je vaak genoeg onder ogen gebracht zijn en waar je op deze planeet niet buiten kunt? Weet dan, dwaas, dat dit al het twintigste hemellichaam is waarop je lichamelijk leeft; je totale lichamelijke leeftijd telt al zoveel aardse jaren dat dit het getal van de fijnste zandkorrels in alle zeeŽn der Aarde verre overtreft! Maar wat van een, niet voor een lichamelijk levend mens in te denken, haast eindeloze tijdsduur bestond je al als zuivere geest in een volkomen bestaan en met het helderste zelfbewustzijn in de eindeloze ruimte, waar je in gezelschap van talloze andere geesten buitengewoon genoot van het krachtigste en ongebondenste leven!

 

De laatste zonnewereld waar je lichamelijk woonde, noemen de geleerden van deze Aarde Procyon, maar de eigen bewoners van haar uitgestrekte oppervlakte noemen haar Akka ‑ en zo noemen ze haar daar overal met een en dezelfde uitspraak, want de bewoners van Akka spreken maar een taal. Daar hoorde je van een engel, dat de grote, almachtige, eeuwige geest, de enige schepper en instandhouder van de oneindigheid en alles wat deze bevat, op een van de kleinste planeten, waarvan er in de eindeloze ruimte ontelbaren zijn, Zelf vlees in de mensengestalte zou aannemen. Jij uitte toen de vurige wens om, als dat zou kunnen, op die planeet geplaatst te worden om daar Degene die jou, geschapen heeft te zien en te horen. Toen kwam dezelfde engel die Je hier aan Mijn 'rechterhand als zevende mens ziet staan, maar die toch een geheel vrije geest is, en hij legde je haarfijn en precies de zware voorwaarden uit waaraan je moest voldoen als je een bewoner wilde worden van deze planeet waarop je nu staat, en als je daar het kindschap van God wilt bereiken!

 

Jij nam alle voorwaarden aan, waaronder ook deze, dat je als bewoner van de gekozen planeet de herinnering aan je eerdere levens op andere hemellichamen volkomen zou verliezen tot aan het moment dat dezelfde engel je driemaal bij de naam zou roepen die je op de planeet Akka hadí. bron: GJE1-213

www.zelfbeschouwing.info