Het oerlicht

 

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]: Als in de oertijd het ´al-licht´ van de geest der mensheid langzaam uitdoofde, werd het in de wereld en in het universum voor een zeer lange tijd erg donker. Dit bleef zo, totdat de eerste mens van bovenaf op deze Aarde werd geplaatst en de Aarde ruim vierduizend jaar bevolkte. Daarvoor waren er uiteraard ook wel [dierlijke] mensenwezens, maar deze waren niet begiftigd met de hoge Geest van boven en zij leefden puur instinctmatig; zij werden ook wel de pre-adamieten genoemd. Maar in het Joodse jaar 4151 (volgens de Joodse oude kalender), dus ongeveer tweeduizend jaar geleden, kwam het oerlicht in de gedaante van Jezus op Aarde, maar vrijwel niemand kende Hem, want de hoogmoed had de overhand. Deze woorden staan beschreven in de Grote Nieuwe Openbaringen.

 

In de Joodse Talmoed staat, dat Jezus aan ´het einde van de wereld´ geboren zou worden. Hoe is dit op te vatten? Bethlehem ligt niet bepaald in de uiterste hoek van de Aarde! Men kan hier wel gebruik maken van de Joodse Qaballah, waar medeklinkers een specifieke getalswaarde hebben zoals de B=2 E (I)=10, Th=400, L=30, Ch=8 en M=40. De klinkers I en A zijn in het Hebreeuws wel medeklinkers! Wij schrijven Bethlehem, maar er staat eigenlijk: Bithlechem. De optelsom 490 zegt veel over de gesteldheid van 7x70, want de aanduiding 400 is het meest materiële als buitenste grens en het grootmogelijkste aspect van de materie te beschouwen, waardoor ook de 4 en 40 in het klein. Jezus vertoefde veertig dagen in de woestijn en het knechtschap van de Joden in Egypte duurde 400 jaar; dit volk trok daarna 40 jaar onder leiding van Mozes door de woestijn naar het beloofde land Kanaän. De woestijn is zo geweldig groot, dat men zich daarin ´gevangen´ kan voelen en waaruit men niet zomaar ontsnapt. Dit is vergelijkbaar met een ´gevangen ziel’ in een lichaam, totdat de ziel zich bevrijd voelt, wanneer het lichaam sterft.

 

Waarom heeft de wereld Jezus´ geboorte op 25 december gezet, terwijl volgens andere – en heilige bronnen – Hij wel daadwerkelijk geboren is op 7-1 ? Nu is 25-12 volgens de reguliere kalender de 358ste dag van het jaar en het Hebreeuwse woord voor Messias (MeShiaCh) heeft de waarde M als 40, Sh als 300, 1 als 10 en Ch als 8, samen opgeteld als 358. Joodse cijfergeleerden (Sephar-joden) hebben dit eens bedacht en dit is regulier zo overgenomen naar 25 december. Tellen we van zeven januari terug van zeven naar 1, dus van 7-1, dan is dat als 7+6+5+4+3+2+1=28, en verhoudt 28 zich als 7:1 of 4:1. (zie analogie) Metafysisch bevindt zich tussen 1 en 7 het getal vier als een belangrijk centaal sleutelgetal.

 

De combinatie 1-4-7 in een cirkel van 360 graden bevat een dusdanige driehoek, dat dit in die cirkel domineert als een zogenaamde ´scheppingsdriehoek´ waarop mogelijk ook andere driehoeken in zo’n cirkel zoals de 2-5-8 en de 3-6-9 kunnen opvolgen. De scheppingsgetallen 1-4-7 zijn karakteristiek, waarvan VIER het middencentrum is. De Heer openbaart zich met 4 Hebreeuwse letters (JHWH). Bij de mens is de vierde chacra als middencentrum het HART, dat in de mens orde brengt. De Heer heeft zeven eigenschappen, waarvan de vierde eigenschap de orde, de eerste de liefde en de zevende eigenschap is de deemoed. Zo kwam de Heer vanuit Zijn liefde en volgens Zijn ordening in alle deemoed naar de Aarde op 7 januari in het Joodse jaar 4151 in het mogelijke jaar 1 voor Chr. (deelbron uit Jakob Lorbers geschriften – uitgeverij Schors, Amsterdam)

www.zelfbeschouwing.info