Incarnatie Johannes de Doper en Zacharias

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]: Toen we nog op de weg bergafwaarts waren, kwam Petrus bij mij en vroeg wat het te betekenen heeft als de schriftgeleerden zeggen dat Elia vóór de komst van de Messias moet komen om alles voor te bereiden en zo de wegen voor de Heer gereed te maken. (Matth. 17,10} Daarop zei IK tegen Petrus: 'Hierin hebben de schriftgeleerden gelijk en jij nu ook met je vraag! Elia zou wel tevoren komen en alles voorbe­reiden (Matth. 17, 11), maar Ik zeg jullie: Elia is er reeds geweest, maar ze hebben hem evenmin herkend als nu Mij, en met hem gedaan wat ze wilden. Precies zo zullen ze ook doen met Mij, de Mensenzoon, zoals Ik dit jullie van te voren al meerdere malen heb verkondigd. (Matth. 17, 13)

 

Ik zeg jullie: Deze geheel verkeerde soort zal niet eerder rusten dan dat zij het doel van haar wraak heeft bereikt, maar daardoor dan ook haar gericht (aantrekt)! Johannes, in wie Elia's geest woonde, deed tekenen, onderwees en doopte, en bereidde zo het volk voor Mij voor. Wat gebeurde er daardoor met hem? ­Ikzelf onderwijs nu een zuiverste levensleer en verricht tekenen die op deze Aarde nog nooit verricht zijn en voortaan ook niet meer in deze grootte en op deze schaal verricht zullen worden; daarom hebben ze ten aanzien van Mij nog des te meer toorn­ en wraakgevoelens en zullen ze onder toelating van boven met Mij doen wat Ik jullie reeds van te voren heb aangeduid. Bij jullie komt weliswaar steeds opnieuw de oude vraag op waarom Ik Mezelf zoiets door de mensen laat aandoen. Maar ook daarover hebben jullie al meer dan voldoende onderricht gehad, laten we daarom nu naar het dal gaan naar onze broeders!'

 

Nadat Ik deze woorden gesproken had zag het drietal pas in dat Johannes de Doper eigenlijk Elia was. (Matth. 17:13 Heeft Elia, toen hij in de geest een voorspelling deed over Mijn komst, Jehova soms in de stormwind of in het vuur voorbij zien gaan toen hij in de grot verborgen was? Nee, in een zacht ruisen ging Jehova voorbij! En kijk, dat vindt nu hier in jullie bijzijn plaats! Waarom wil je het dan niet geloven? Zijn Mijn werken, die Ik ten aanschouwe van duizenden en nogmaals duizenden getuigen reeds gedaan heb, dan niet het waarachtigste getuigenis daarvan? Heeft dan ooit iemand op de wereld zulke daden verricht?" GJE6-3

 

Tegen de Joden zei Jezus: 'O, denk vooral niet dat Ik jullie bij Mijn Vader zal aanklagen! Er is een ander die jullie aan zal klagen, en dat is Mozes, waarvan jullie hopen dat hij eens eerst nog met Elia zal komen. (Joh, 5, 45) Hij is ook gekomen, maar door jullie evenmin herkend als jullie Mij Zelf nu herkennen. (n.b.: Mozes' geest was in Zacharias en Elia's geest in Johannes.) Als jullie met jullie wereldse instelling ooit Mozes geloofd zou hebben, dan zouden jullie ook Mij geloven; want Mozes heeft over Mij getuigd. (Joh.5,46) Maar omdat jullie zijn geschriften nog nooit geloofd hebben, hoe zouden jullie dan nu Mijn woorden kunnen geloven?!" (Joh.5,47) DE JODEN zeiden: 'Hoe kun je zeggen dat wij, die op zijn stoel zitten,­ Mozes niet geloofd zouden hebben?'  GJE6-4 (7-9) 

www.zelfbeschouwing.info