Elia, de gote profeet

[de tempeldienaars raden naar wie Jezus ECHT is]

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]: De OVERSTE zegt: "Als de zaken zo staan, waaraan ik direct niet twijfel, dan moet hij zonder meer op een onbegrijpelijke wijze met de almachtige geest van Jehova in nauwe verbinding staan, zoals bijvoorbeeld Mozes of Elia, die ook vuur uit de hemel kon roepen dat hem gehoor­zaamde. Misschien heeft hij ook nog veel wonderbaarlijks gedaan dat niet opgeschreven is, maar waarover nog wel volkssagen bestaan waaraan men natuurlijk maar weinig geloof kan hechten, maar waarin over het geheel genomen toch veel waarheid zou kunnen zitten! Zo moet juist Elia, als mijn geheugen mij niet bedriegt, eens bij een gelegenheid een hele hoop doodsbeenderen op een slachtveld levend gemaakt en van vlees, huid en haren voorzien hebben! Zo heeft hij ook bij een andere gelegenheid alle bronnen van de grote Eufraat voor drie jaar laten verdrogen en hij gebood daarbij ook de wolken om drie jaar lang niet aan de hemel te komen. Pas toen de mensen oprecht boete deden, opende hij weer de bronnen van de rivieren en gebood de wolken dat ze aan het firmament moesten komen en de dor geworden aardbodem water moesten geven!

 

En zo verhaalt men nog veel over deze merkwaar­digste aller profeten, dat echter in de loop van de tijd sterk misvormd kon worden, en men zegt dat deze Elia degene is die voor het einde der wereld nog eenmaal zal terugkomen om door grote tekenen de mensen tot boetedoening te bekeren, omdat zoals bekend deze raadselachtige profeet nooit is gestorven, maar in een vurige wagen ten hemel is gevaren. Het is daarom heel wel mogelijk dat deze Jezus drager is van de geest van de grote profeet en daarom, omdat hij ten nauwste in verband staat met de macht van Jehova, nu zulke daden doet, die alleen God mogelijk kunnen zijn!"

 

CHIWAR zegt: " Jouw mening is zeker niet slecht, en ik zou je haast gelijk geven, als ik bij deze Jezus nu juist niet zo veel dingen met mijn eigen ogen gezien zou hebben, die de totale Elia een hele oneindigheid ver achter zich laten. Natuurlijk zou je hier wil vragen: 'Welke dan? Noem ze eens?' Maar ik moet je openlijk toegeven, dat mij de woorden volkomen zouden ontbreken om dat te beschrijven. Want dat moet men zelf gehoord, gezien en gevoeld hebben, anders kan men zich daar beslist geen begrip van vormen. En ik deel daarom de mening van enige duizenden, dat deze Jezus zonder meer de beloofde Messias is! Want het is voor mij zeer de vraag, of die, als hij op een andere tijd nog zou komen, grotere tekenen zal doen!? Bovendien stamt Hij volgens de kroniek, die doorloopt tot de grootvader van Jozef, in rechte lijn van David af. (Matth. 1:1-­17) Achim was de vader van Eliud, Eliud de vader van Eleasar, die de vader van Matthan, die de vader van Jacob, en Jacob was de vader van Jozef, en die de vader van onze Jezus.

 

Als je volgens deze kroniek verder teruggaat, dan kun je in rechte lijn bij David terechtkomen en er staat geschreven dat de Messias van David zal afstammen en dat iedereen Hem zal herkennen aan Zijn daden. Naar mijn mening stemt alles van deze Jezus daarmee overeen: de afstamming staat authentiek vast, en zulke daden, die de aarde op haar bodem nooit heeft meegemaakt, zijn ook overvloedig aanwezig. Daarom weet ik echt niet wat ons zou verhinderen om Hem als Diegene aan te nemen, die Hij zeer duidelijk is!? Dat de heerszuchtige tempel niet gemakkelijk daartoe zal overgaan, ligt er dik boven op, maar wij moesten ons daarbij helemaal niet meer op de tempel richten, die naar mijn mening volkomen dood is en ons verder bescherming noch wijsheid en nog minder enig blijvend levens­onderhoud kan geven, -behalve wanneer wij haar voor een baan zoveel geven, dat tien mensen daarvan honderd jaar lang goed zouden kunnen leven. GJE2-88

 

De kinderen proefden en wisten ook met hun verbazing over dit wonder geen raad, en de oudste ZOON zei: "Vader, u weet dat ik goed bekend ben met de Schrift. Ik ken alle profeten en hun daden, maar zo'n daad heeft niet een van hen gedaan! Deze buitengewone mens moet kennelijk méér zijn dan een profeet!" Ook de DOCHTERS zeggen: "Ja, ja, vader, dat geloven wij ook! Misschien is het wel Elia, want die moet toch nog eenmaal op aarde komen om de mensen voor te bereiden op de komst van de grote Messias! Of is het soms de grote Messias Zelf. GJE2-175 (17,18)

 

Van de profeet Elia wordt wel verteld dat hij eens een aantal doodsbeenderen een lichaam en leven moet hebben gegeven, maar daar waren wij niet bij. Ook is dit slechts een overgeleverde sage en het staat in geen enkel boek opgetekend, zelfs niet in de apocriefe delen van de Schrift! Hoe moeilijk kan een denkend mens dan zoiets geloven! GJE3-144 (12) Toen Elia in een grot verborgen lag, gaf de geest hem aan, dat hij zolang in de grot moest blijven tot Jehova Zelf voorbij zou komen. En Elia stelde zich vlak bij de uitgang op en luisterde. Opeens kwam er een geweldige storm, die met zoveel kracht voorbijraasde dat de gehele berg ervan beefde. Toen veronderstelde Elia dat nu Jehova wel voorbij was gegaan? De geest antwoordde echter:. 'In de storm was Jehova niet’.

 

Elia luisterde weer ingespannen en zie, met lang daarna trok er een loeiend vuur langs de grot! Het raasde en knetterde geweldig en de buitenzijde van de rots verglaasde door de geweldige hitte. Toen dacht Elia dat dat toch wel Jehova geweest moest zijn! Maar de geest sprak weer en zei: 'Ook in dit vuur was Jehova met!' Toen dacht de grote profeet bij zichzelf: .'Dus noch in de storm en noch in de almacht van het vuur bevindt zich Jehova met de kern van Zijn liefde!' Maar toen hij daarover ernstig aan het nadenken was, rulste heel teer een fluisterend zuchtje wind voorbij zijn grot en de geest sprak weer en zei: 'Kijk, Elia, in dit tere en zachte ruisen ging Jehova. voorbij en dit moet voor jou het beloofde teken zijn dat je nu geheel vrij kunt gaan en deze grot kunt verlaten waarin je verborgen wachten moest op de verlossing!' Toen stapte Elia welgemoed uit de grot in de grote vrije ruimte, en de weg naar het grote vaderland lag zonder gevaren vrij en open voor hem (1.Kon.19 :9-15) Als jullie goed thuis zijn in de Schrift, leg Mij dit vreemde tafereel dan eens uit!" GJE3-194-195 (11-16)

www.zelfbeschouwing.info