DAVIDS AFSTAMMING

 

David was de zoon van Isaï. Hij ontspruit uit de roede van Isai. Uit de virga Jesse. Jesse is Isai, de vader van David. Virga betekent roede. Maagd is virgo in het latijn. Op een glasraam in de Virga Jesse Basiliek in Hasselt is de roede van Jesse mooi uitgebeeld als een boom. Aan die stamboom komen verschillende twijgen. De eerste nakomeling is David. Bovenaan de top prijkt Maria. Zij stamde uit de stam van David. Ook Jozef kwam uit het geslacht van David.

 

In verband met de afstamming van Jozef dient een belangrijk huwelijksgebruik onder de Joden vermeld, namelijk dat de vrouw vaak huwde met een man uit haar familie. Dit moest zeker geschieden wanneer het meisje een zogenaamde erfdochter was, d.w.z. het enig kind van haar ouders. Volgens de oudste en geloofwaardigste tradities was Maria zulk een erfdochter en moest zij huwen met iemand uit haar stamverwantschap.

 

Door nu te bewijzen dat Jozef van David afstamde, toonden de evangelisten inclusief de David-afstamming van Maria aan, waardoor Jezus niet alleen wettelijk door Jozef, doch ook natuurlijk door Maria de ware zoon van David genoemd kan worden. Jezus stamt volgens de kroniek, die doorloopt tot de grootvader van Jozef, in rechte lijn van David af.(Matth. 1:1-17) - Achim was de vader van Eliud, en Eliud de vader van Eleasar, en die was de vader van Matthan, en Matthan weer de vader van Jacob, en Jacob de vader van Jozef, en die de pleegvader van Jezus.

 

De Messias stamt van David af en iedereen herkent Hem aan Zijn daden. David was de oervader van Jezus lichaam. David had toch ook veel vrouwen, en hij was een man naar het hart van God. Waarom zou de Heer de vrijheid niet hebben om veel vrouwen te hebben, terwijl Hij toch veel meer is dan David? David zei: ‘de geboden des Heren zijn waar en verblijden het hart; de geboden des Heren zijn zuiver en verlichten de ogen! De vrees des Heren is zuiver en blijft eeuwig en de rechten des Heren zijn onloochenbaar en geheel en al rechtvaardig. Ze zijn kostbaarder dan goud en veel fijn goud; ze zijn zoeter dan honing. Uw wil, Heer, doe ik graag en Uw wet heb ik in mijn hart; ik wil Uw gerechtigheid prediken in de wereld. Zie, ik wil mij de mond niet laten snoeren, Heer, dat weet U. Uw gerechtigheid verberg ik niet in mijn hart; ik spreek van Uw waarheid en Uw heil. Ik verberg Uw goedheid en Uw trouw niet voor de wereld.’

 

David profeteert 1043 v. Chr. Over het tweede woord in de kruisiging van Jezus Psalm. 22:19. Hij regeerde van 1055-1015. v. Chr. [dus 40 jaar] - Het lijden van Jezus vinden we in Jesaja 53 in 717. v. Chr. – Jesaja 28:16 beschrijft de hoeksteen en Jes.53:9 de twee roofmoordenaars. In 513 v. Chr. schrijft Zacharias over de lanssteek. Maria en Jozef stammen uit een en het zelfde huis: David. bron: GJE1-22, 31 [2]  2-41,88 en  Jeugd van Jezus, hfdst.9 & Causae et Curae

www.zelfbeschouwing.info