Augustus, Julius Augustus Quirinus, keizer van Rome

 

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]: Het Kindje Jezus zegt tegen Cyrenius, vicekeizer over Rome en vele landen en familie van de keizerfamilie in Rome: En zo is het nu ook met jouw broeder (Augustus) gesteld: hij kan niet zijn zoals jij, en jij niet zoals hij! Want Ik heb daartoe aller­lei schepselen doen ontstaan, om­dat dat in Mijn Eeuwige Orde noodzakelijk is! En daarom moest het ook zo zijn, dat jouw broeder werd wat hij is en dat jij werd wat jij bent! Maar als jouw broeder tot Mij zegt: Heer, ik weet niet wat ik ben, noch wat ik doe, maar Uw kracht is in mij, en dus doe ik overeenkomstig haar aanwijzin­gen, dan zal hij even rechtvaar­dig zijn als jij, en dan behoef jij je om hem geen zorgen te maken; eens zullen namelijk ieders wer­­ken onthuld worden!' Deze toe­spraak bracht Cyrenius op betere gedachten over zijn broer Augustus.

 

De Romeinse keizer Augustus liet in al zijn landen een gebod uitgaan, tengevolge waarvan alle volkeren van zijn rijk beschreven en geteld moesten worden en ter wille van belastingheffing en rekrutering worden ingedeeld. De Nazireeërs waren van dit gebod niet uitgezonderd. In Bethlehem, de stad van David was er een Romeinse beschrijvingscommissie gevestigd. De vijf zonen van Jozef moesten wel ingeschreven worden, daar deze helaas dienstplichtig waren aan de keizer. Maria – nog meer kind – dan een volwassen vrouw, wat moest Jozef daar nu mee beginnen, nu de bevalling zich dringend aandrong?

 

Keizer augustus stierf op 19 augustus 14 n. Chr., het 15e regeringsjaar van zijn opvolger en dit strekte zich verder vanaf 19 augustus 28 n. Chr. tot 18-8. 29 n. Chr. Men hield rekening met de nieuwjaarsdag van de Syrische tijdrekening op 1 oktober, die ook door de Joden van Palestina overgenomen werden. Zou het begin van het optreden van Jezus geschiedt zijn vanaf 1-10-27 tot 30-09-28 rond de doopperiode van Johannes de doper?

 

Jozef verhaalde de geschiedenis van de schepping bondig en logisch aan Cyre­nius. Deze werd daardoor enerzijds blij gestemd; anderzijds was hij begaan met de zijnen te Rome, want hij begreep best dat die nog ronddoolden in de diepste duis­ternis. Daarom zei hij tegen Jozef: ‘Ik heb een plan gemaakt: Alles wat ik zojuist van U verno­men heb wil ik ook aan mijn half­broer, keizer Augustus, berich­ten. Ik zal dat zo doen, alsof ik het toevallig had gehoord van een mij onbekende, overigens zeer recht­schapen jood. Uw naam en verblijfplaats zal ik niet noemen, ook niet indi­rect. Maar waarom zou de beste van alle Romeinen, mijn broeder Augustus, de keizer, aan de eeu­wige dood moeten worden prijs­ gegeven?!’

 

Ditmaal ging Jozef ermee akkoord en dus bleef Cyrenius nu nog drie dagen lang in Ostracine zitten schrijven en zond zijn ver­slag met een speciaal schip naar de keizer te Rome, ondertekend slechts met: Uw broeder Cyre­nius. Het doornemen van dit rapport van Cyrenius heeft de kei­zer de ogen geopend; hij kreeg hoogachting voor het joodse volk en stelde het zelfs in de gelegen­heid om, tegen betaling van gerin­ge leges, als Romeins burger te worden geregistreerd. Tegelijk werden al te 'or­thodoxe' predikers van het hei­dendom onder een of ander voor­wendsel verbannen.

 

Zo werd bijvoorbeeld ook de in Rome zeer geliefde dichter Ovidius op gronden, die niet ach­terhaald konden worden, uit Ro­me verbannen (volgens Ovidius zelf - in zijn dichtbundel - in het jaar 8 n. Chr.); en zo verging het ook de priesterkaste onder het be­wind van Augustus niet al te best. Toen Jezus ruim 29 jaar was bestonden er al zuiver geslagen Augustusstukken, zo zijn er ook nog een paar ‘’Tiberiussen’’ bij. De opperstadhouder Cyrenius, was zowel een oom als een halfbroer van Augustus.  

 

De hoofdman zegt tegen de Farizeeërs, dat wat de keizer niet doet, zijn aanstaande opvolger zeker wel zal doen. De stad Jeruzalem en haar tempel zal niet meer lang bestaan. Dit werd gesproken bij Matth. 15. En Jezus was toen ongeveer een half jaar al werkzaam. Keizer Caesar Augustus heeft in het eerste jaar van Jezus - en dan dertig jaar geleden terug - een wet gemaakt. Eigenhandig heeft hij een officiële verklaring uitgeschreven en de priesters van Jeruzalem doen toekomen. Deze verklaring werd later beroemd. Veel Farizeeërs hebben zich later - op deze uitspraak - opgehangen.

 

Want Augustus schreef: deze priesterkaste is de keizerstroon in Rome beter gezind dan alle anderen; daarom moeten ook al hun wetten en voorrechten als heilig beschermd worden. Wee degene, die hen aanvalt! Die misdadigers moet wegens hoogverraad de zwaarste straf ondergaan. Veel Farizeeërs hebben dit later misbruikt, waar Augustus niet vanaf wist. Augustus sterft op 19 augustus en hij regeerde 57 jaar, 6 maanden en 2 dagen – ook de 14 jaar, die hij met Antonius geregeerd had. Tiberius wordt op 30 september tot keizer gekroond - Augustus regeerde 25 jaar in 751 vanaf de stichting Rome – hij regeerde 27 jaar, toen Jezus geboren was 1 of 2 v. Chr. Dit is nog onduidelijk.

www.zelfbeschouwing.info