Wie de Bijbelse Adam was

[via Jakob Lorber ontvangen in 1840 van de Heer]:

Adam betekent de Zoon van het erbarmende en het genadevolle. Hij (Adam) was gekomen om de plaats in te nemen van de eerste gevallen geesten (engelen) daarom en hij werd uit de materie geschapen volgens het getal van de Goddelijke ordening. De visuele getalswaarde van Adam is 144 uit A=1, D=4 en M=40. Dit verklaart misschien het Bijbelse getal 144.000, het kosmisch symbolisch getal van de gehele mensheid. 

Adam zou volgens de Joodse overlevering op de Aarde zijn gecreëerd met een leeftijd van 20 jaar. Op welke wijze werd hij dan geschapen? In het meest bijzondere boek: "de Huishouding van God" blz. 31 en daarvan het zevende vers: "En zie nu en begrijp, wat tot nu toe nog door niemand gezien en begrepen werd:

de eeuwige liefde nam het getal uit Zich en het getal was de ordening en de eeuwige wet in Haar, waaruit en waarin Zijzelf eeuwig bestond, bestaat en zal bestaan in alle macht en kracht van de heiligheid van God. En zij nam de leem, net als de room van de gestremde melk en vormde met de Hand van Haar Kracht volgens het getal van Haar ordening de eerste mens en blies hem door de neusgaten de levensmakende adem in. En de adem (opm. ook odem of fluïdem) werd in hem tot een levende ziel en de ziel vervulde de gehele mens, die nu gemaakt werd volgens het getal van de ordening, waaruit de geesten gevormd waren en waaruit de werelden in de ruimte gemaakt werden en de Aarde en alles wat op haar is, en de Maan en de Zon”.

In Lorber wordt regelmatig gesproken over het getal van de orde­ning. 'En het getal van ieder soort (kruiden, planten, strui­ken, bomen, vissen, vogels en dieren) was gelijk aan het getal van de mens, die uit dit getal gemaakt werd, en het was gelijk aan het getal van de genade van de liefde en was gelijk aan het getal van de toekomstige verlossing en de daaruit ontstane en voortkomende wedergeboorte'.

 

(Stel je eens voor: hoeveel 'geestmensen' er wel bestaan: allen geteld door de Heer, de Schepper, maar voor ons ontelbaar!)…[opmerking: de mens bestaat dus geheel uit mineralen (zand, leem), planten en dierenzielen!).

 

Adam betekent mens. De Heer was in het jaar 919 bij de Adamieten. Toen God de mens schiep, voegde Hij leem met water samen en daaruit werd de mens gevormd. In die vorm zond God de levensadem bestaande uit vuur en lucht. En omdat de menselijke vorm uit leem en water bestond, werd door het vuur van die levens, het leem tot vlees omgevormd en door de lucht van die levensadem werd het water waarmee het leem werd samengebonden, bloed. Toen God immers Adam schiep, omstraalde een goddelijke glans de massa leem waaruit hij gevormd was, en zo kwam uit die leemklomp de uitwendige vorm van de mens tevoorschijn met de lijnen van zijn ledematen. Inwendig was hij nog leeg.

 

Toen schiep God van binnen in die leemmassa en uit die massa, het hart, de lever en de longen, de maag, de ingewanden, de hersenen en de ogen, de tong en alle overige inwendige organen. En toen God zijn levensadem in hem blies, werden zijn bouwstoffen tot zijn beenderen, zijn merg en zijn aders, door deze levensadem samen sterk gemaakt. Die levensadem verspreidde zich zo in die massa zoals een slak zich in haar huis ineendraait en zoals de groene kracht in de boom is.

 

[Levensadem= spiraculum. In het woordenboek staat luchtgat, opening. Men kan het zich zo voorstellen dat God zijn adem blies in de mond en de neusgaten van de mens, die als een luchtgat voor hem zijn. In het woord spiraculum vind je ook het woord spiraal. We weten nu dat alle erfelijke kenmerken van de mens opgeslagen liggen in het DNA dat een spiraalvormige structuur heeft. Deze spiraal zit in iedere celkern. Zo kunnen we in deze spiraal van het leven iets terugvinden van Gods spiraculum vitae. Hij verspreidt zich zo in de massa zoals een slak die zich in haar huis ineendraait (torquet). Het woord torquet slaat ook op de draaiende beweging want torquet betekent draaien, wentelen. De spiraalvormige structuur van het DNA kunnen we vanuit Hildegards visie dus beschouwen als een uiting van Gods ordening van Zijn levensadem, van Zijn spiraculum vitae. Viriditas, groene kracht verwijst naar levenskracht en vruchtbaarheid. Een boom die leeft, heeft groene bladeren. Een boom die afgestorven is heeft slechts dorre takken. Causae et Curae - Adam was 31 jaar bij de schepping (volgens de Joodse Overlevering was Adam 20 jaar]

 

Begrijpelijk wordt nu, wat het betekent: God schiep Adam als de eerste mens van deze Aarde uit leem! In Zijn eeuwige orde heeft God gewild, dat de geesten die in de aarde in het gericht gevangen zijn, zich uit het kneedbare leem van de hen gevangen houdende aarde een lichaam zouden vormen in overeenstemming met de geestelijke vorm. Omdat ze daarin veel bewegingsvrijheid zouden hebben, zouden ze daardoor hun oorspronkelijke wezen en daardoor God weer herkennen. Zo zouden ze weer vrij de goddelijke ordening aanvaarden om daardoor weer te worden wat ze oorspronkelijk waren, namelijk geheel reine engelen ‑ net als deze aartsengelen!

 

Er staat: 'De vrouw werd uit de rib van Adam geschapen; hoe begrijpelijk is dat nu! ‑ Zoals de bergen heel zeker het hardere en in die vorm ook het meer hardnekkige deel van de Aarde zijn en als zodanig ook de onverzettelijkste geesten bevatten, zo vind je daaraan in overeenstemming met het halsstarrigste deel van de eerste en ook van alle latere mannen in de beenderen van de man. Het meer hardnekkige deel van de geest, het meer zinnelijke, trotse en hoogmoedige van de man zonderde God in Zijn wijsheid en macht af in een op de man gelijkende vrouwelijke vorm, die, omdat ze uit de man afkomstig is, heel levensecht op hem gelijkt.

 

Daarom en door de geslachtsdaad kan zij een levende vrucht in zich verwekken volgens de almachtige wil van God. Omdat haar, als zijnde het meer hardnekkige geestelijke deel van de man, een groter lijden is opgelegd, kan zij haar geest net zo vervolmaken als de man dat met zijn minder harde geest kan, ‑zodat man en vrouw tenslotte één worden, zoals in de Schrift staat. Want de term, dat man en vrouw dan één lichaam hebben, betekent toch niets anders dan: Hoewel het wezen van de vrouw het hardere deel van de man is, wordt het door de naar verhouding sterkere beproeving volledig gelijk aan het zachtere deel van de geest van de man, en dat betekent het als er staat, dat man en vrouw één lichaam hebben. En zo zou de Schrift gelezen en begrepen moeten worden, dan zou er met alle mensen goed gesproken en uit de hemel voor hun bestwil iets gedaan kunnen worden’. bron: GJE1-166 (3-7)

www.zelfbeschouwing.info